Dashboardlampjes zijn wereldwijd grofweg ingedeeld naar drie kleurcategorieën. Rood betekent meestal een acuut probleem waarbij direct actie of stoppen vereist is, oranje of geel wijst op een storing die aandacht verdient maar waarmee je vaak nog even kunt doorrijden, en groen of blauw geeft simpelweg aan dat een systeem actief of ingeschakeld is, zonder dat er iets mis is. Deze kleurcodes zijn internationaal min of meer gestandaardiseerd, maar niet elk merk houdt zich er honderd procent aan.
Ken je deze basisindeling, dan kun je bij een onbekend of nieuw symbool op het dashboard al snel een eerste inschatting maken van de urgentie, ook voordat je het instructieboekje erop naslaat. Dit artikel loopt de drie kleurcategorieën langs met veelvoorkomende voorbeelden.
Rood: direct actie of stoppen
Een rood dashboardlampje wijst vrijwel altijd op een probleem dat om onmiddellijke aandacht vraagt. Denk aan het oliedruk-lampje, de temperatuurmeter die in het rood uitslaat, het remsysteemlampje, of een deur die niet goed gesloten is tijdens het rijden. Bij deze categorie geldt als algemene vuistregel: stop zo snel en veilig mogelijk en beoordeel de situatie voordat je verder rijdt.
Zie je een rood lampje verschijnen dat je niet direct herkent, ga dan uit van het ergste scenario totdat je zeker weet wat het betekent. Zoek een veilige plek om te stoppen en raadpleeg het instructieboekje of bel een garage voordat je verder rijdt.
Niet elk rood lampje betekent overigens dat er iets kapot is: het rode remsysteemlampje kan bijvoorbeeld ook aangaan wanneer de handrem nog is aangetrokken. Controleer daarom eerst de meest voor de hand liggende oorzaak voordat je uitgaat van een defect.
Oranje of geel: aandacht nodig, meestal niet acuut
Oranje of gele lampjes wijzen doorgaans op een probleem dat wel aandacht verdient, maar waarmee je in de meeste gevallen nog een tijdje kunt doorrijden zonder direct gevaar. Voorbeelden zijn het motorstoringslampje, het bandenspanningslampje, een laag brandstofpeil-lampje, of een geel oliepeil-lampje. Laat dit soort storingen niet te lang liggen, maar er is geen reden om direct langs de kant te stoppen.
| Kleur | Betekenis | Actie |
|---|---|---|
| Rood | Acuut probleem, mogelijk gevaar bij doorrijden | Direct stoppen op veilige plek, situatie beoordelen |
| Oranje of geel | Storing die aandacht verdient, meestal niet acuut | Snel laten controleren, voorzichtig doorrijden kan meestal |
| Groen | Systeem is actief of ingeschakeld | Geen actie nodig, dit is normaal |
| Blauw | Systeem is actief, vaak verlichting of grootlicht | Geen actie nodig, dit is normaal |
Een uitzondering op de vuistregel is het EPC-lampje en soortgelijke elektronische systeemlampjes, die vaak oranje zijn maar toch kunnen samengaan met merkbaar vermogensverlies. Beoordeel bij dit soort lampjes altijd ook het rijgedrag van de auto, niet alleen de kleur.
Groen en blauw: informatief, geen storing
Groene en blauwe lampjes geven meestal alleen aan dat een systeem actief is, zonder dat er iets mis is. Denk aan het groene richtingaanwijzerlampje dat knippert wanneer je een knipperlicht gebruikt, het groene of blauwe grootlichtlampje, of het lampje dat aangeeft dat de cruisecontrol actief is ingeschakeld. Deze lampjes zijn puur informatief en vragen geen actie van de bestuurder.
Zie je een onbekend groen of blauw lampje verschijnen, dan is de kans groot dat je zojuist een functie hebt geactiveerd, zoals mistlicht, grootlicht of een rijhulpsysteem. Controleer eerst of je zelf een knop hebt ingedrukt voordat je uitgaat van een storing.
Sommige merken gebruiken overigens een enkel wit lampje voor informatieve meldingen in plaats van groen of blauw, dus wijk deze indeling per automerk soms iets af. De algemene logica van "informatief, geen probleem" blijft echter meestal wel gelden bij niet-rode en niet-oranje kleuren.
Wat als een lampje een afwijkende kleur heeft
Bij twijfel over een specifiek symbool is het altijd verstandig het instructieboekje van je auto te raadplegen, of de betekenis online op te zoeken aan de hand van het merk, model en het exacte symbool. Fabrikanten publiceren vaak een volledig overzicht van alle dashboardsymbolen per model, inclusief kleur en betekenis, en dit overzicht is precieser dan een algemene vuistregel.
Heb je een tweedehands auto gekocht en ben je onbekend met de symbolen van dat specifieke merk, neem dan de tijd om het instructieboekje één keer goed door te nemen. Dat voorkomt paniek of juist onterechte onverschilligheid wanneer er onderweg een onbekend lampje gaat branden.
Meerdere lampjes tegelijk: hoe bepaal je de volgorde
Gaan er meerdere lampjes tegelijk branden, bijvoorbeeld na het starten van de motor of tijdens het rijden, laat je dan leiden door de kleur met de hoogste urgentie. Brandt er zowel een rood als een oranje lampje, behandel de situatie dan alsof het rode probleem leidend is en stop zo snel mogelijk veilig, ook als het oranje lampje op zichzelf minder dringend zou zijn. Pas als het rode probleem is beoordeeld, kijk je verder naar de overige meldingen.
Een reeks lampjes die tegelijk aangaat bij het starten van de motor, vaak inclusief accu, olie, ABS en motorstoring, is meestal onderdeel van de normale zelftest van het dashboard en hoeft geen zorgen te baren zolang ze na een paar seconden allemaal weer doven. Blijft een van deze lampjes na de zelftest branden, dan is dat wel het signaal dat om verdere actie vraagt volgens de kleurcode die bij dat specifieke lampje hoort.
Veelgestelde vragen
Betekent een rood lampje altijd dat ik direct moet stoppen?
In de meeste gevallen wel, maar niet universeel. Sommige rode lampjes, zoals het remsysteemlampje bij een aangetrokken handrem, wijzen niet op een defect. Controleer eerst de meest voor de hand liggende oorzaak, maar behandel een onbekend rood lampje altijd met de nodige voorzichtigheid.
Waarom is het motorstoringslampje oranje en niet rood?
Het motorstoringslampje dekt een breed scala aan storingen, van kleine sensorafwijkingen tot grotere problemen. Omdat de meeste van deze storingen niet direct acuut gevaar opleveren, is oranje of geel de gangbare kleur, al kan een knipperend motorstoringslampje wel op een urgentere situatie wijzen.
Gebruikt elk automerk dezelfde kleurcodes?
De meeste merken volgen de internationale conventie van rood, oranje/geel en groen/blauw, maar er zijn kleine verschillen tussen fabrikanten. Raadpleeg bij twijfel altijd het instructieboekje van jouw specifieke auto.
Wat moet ik doen als ik een onbekend lampje zie dat ik niet kan plaatsen?
Zoek een veilige plek om te stoppen als het lampje rood is, of raadpleeg zo snel mogelijk het instructieboekje als het oranje of een andere kleur is. Bij twijfel is voorzichtigheid altijd de veiligste keuze.
Waarom doven sommige lampjes na het starten vanzelf weer?
Dit hoort bij de standaard zelftest die het dashboard bij het opstarten van de auto uitvoert, waarbij alle lampjes kort oplichten om te controleren of de lampen zelf nog werken. Doven ze binnen enkele seconden allemaal, dan is dat een teken dat het systeem naar behoren functioneert en is er geen actie nodig.
Direct een kenteken controleren?
Gratis APK, NAP, WOK en alle RDW-gegevens, binnen 2 seconden.